Finland, part II.

Maandag 4 januari

Vandaag besluiten we, na een uitgebreid ontbijt, een flink stuk te gaan wandelen over het meer, dat ligt aan de overkant van de weg waar het huisjespark is. We maken eerst een hele lijst vragen voor mevrouw Pekonen, van vervoer naar Harriniva, tot de vraag of er noorderlicht zichtbaar is en of we dat gemakkelijk over het hoofd hebben kunnen zien. Het is wederom een mooie, heldere dag, met een temperatuur van –25. ’s Nachts heeft het gesneeuwd, dus we moeten eerst ons voordeurtrappetje even schoonvegen. Veel fotomomenten later, volgen we een breed pad dat de sneeuwscooters hebben gemaakt. Even heerst er nog twijfel over de stevigheid van het ijs – er mondt wel een snelstromende rivier uit in het meer – maar de ijzersterke logica van rondracende sneeuwscooters + temperaturen onder de –20 maken een einde aan deze twijfel.

Terwijl we de buiging van de oever volgen, zien we ook nog een ijsvisser. Achteraf is het jammer dat we hem niet vragen naar de dikte van het ijs.. Verderop is een vogelkijkhut, die we beklimmen. Dit overigens niet echt met het doel vogels te kijken, want die vallen niet in grote getale te zien in het sneeuwachtige landschap.
Na boodschappen te hebben gedaan, willen we toch wel naar de Zweedse grens lopen. Toen we met de auto naar de stallen van Harriniva werden gebracht, kwamen we al langs een grenspost en een brug, die de grens naar Zweden markeert. Dus stippelen we een looproute uit. Voordat we gaan wandelen gaan we eerst nog even naar de receptie met ons vragenlijstje. Drie kwartier later en een heleboel informatie en spullen rijker (dit jaar is het noorderlicht voor ons niet zichtbaar door [moeilijk semitechnisch-natuurkundig verhaal], maar we krijgen wel een stapel ansichtkaarten met ‘Revontulet’ erop mee). Dat het al donker en –30 is, mag de pret niet drukken, dus gaan we toch nog wandelen, alleen niet helemaal naar de Zweedse grens. Terwijl we langs de weg lopen, zien we zo nu en dan kinderen die, gekleed in een schooluniform?, uit een auto stappen. Ik vind het altijd een beetje vreemd om me opeens te beseffen dat het dagelijks leven van de bewoners hier gewoon doorgaat, ook al heb ik vakantie. Zo nu en dan rijdt er een sneeuwschuiver voorbij, die bijna lamlendig een klein laagje sneeuw wegschraapt, zodat er een egale, harde laag sneeuw overblijft. Dat blijkt toch geen probleem te zijn voor het Finse vervoer. Tijdens de wandeling zien we een oprit met tientallen ijsemmerlantaars! Aangezien onze familie thuis, zodra het een paar graden vriest, ook altijd enthousiast bezig is met het maken van dit soort lantaarns, moet ik hier natuurlijk wel wat (wazige) foto’s van maken.

Na deze wandeling rennen we toch nog even supermarkt, outdoorshop en drankwinkel binnen. Ik moet zeggen dat ik nog nooit zoveel verschillende soorten (zo nu en dan behoorlijk prijzige!) wodka heb gezien; het bevestigt wel het stereotiepe beeld van de wodkadrinkende Fin…
Thuis aangekomen kunnen onze neuzen en tenen gelukkig weer even ontdooien. Nu we lekker warm binnen zitten is het nog verleidelijker om om het half uur op de thermometer te kijken. En natuurlijk moet Rinske bij het diepte (hoogte?) punt van –35 “eefkes fiele hoe kâld dat is!”

Dinsdag 5 januari

De wekker gaat deze ochtend al vroeg, want we zijn van plan de bus naar de Pallastunturi te nemen, of in ieder geval een heuvel daar in de buurt. Misschien kunnen we daar gaan langlaufen, of gewoon terug gaan wandelen. Maar zodra we temperatuur zien die de thermometer aangeeft, besluiten we toch van dit idee af te zien. We weten niet precies hoe koud het op de berg zelf is en twijfelen ook een beetje over de veiligheid. Die Finnen kunnen wel tegen flink wat kou, maar wij zijn maar –5 gewend en het is toch een behoorlijk eind teruglopen. We willen liever niet bevriezen.

In plaats daarvan draaien we ons nog even om en gaan later op de ochtend voor de tweede keer over het meer wandelen, maar nu de andere kant om. Er zijn toch overal sneeuwscootersporen, dus dat maakt het bepalen van de route vrij gemakkelijk. Terwijl we lopen, draaien we ons steeds om, om naar de silhouetten van Muonio te kijken. Hoewel het niet heel helder is, is duidelijk een echt streepje zon boven de horizon te onderscheiden! Later laten we ons door veel enthousiaste inwoners vertellen dat dat de eerste keer sinds november was dat ze de zon weer zagen. Behoorlijk bijzonder dus! Het licht is echt spectaculair en we maken dus ook heel veel foto’s. Tussen de zonsopgang en –ondergang zit misschien maar een tijdsverschil van een halfuur. We zien de zon bijna verschuiven.
Het is prachtig buiten en zo bijzonder stil. Tenminste, wanneer we stilstaan, want als we lopen knerpt de sneeuw onbehoorlijk. Het is een heel ander soort sneeuw dan in Nederland, niet plakkerig (je ziet ook nergens sneeuwpoppen of iets dergelijks), maar veel ijziger.

Na ons dagelijkse bezoekje aan de supermarkt, waar wat Iittala servies wordt aangeschaft, en een maaltijd, gaan we naar één van de twee kleine museumpjes die er in Muonio zijn. Dit is een museum met een shop; een shop stampvol met heel veel leuke dingen! We vermaken ons dan ook prima met mutsen passen en de 35874 verschillende soorten rendiersleutelhangers met elkaar te vergelijken. Uiteindelijk zien we niets meer van het hele museum… Afgeladen met souvenirs en ander grut komen we weer thuis, waar we de avond weer lezend doorbrengen en uitkijken naar morgen: huskysafari!

Peace!

Advertenties

2 Reacties op “Finland, part II.

  1. Die ‘bont’mutsfoto is echt supermooi!! Yay voor sneeuw :D
    Jammer van het noorderlicht, maar mazzel van de zon ^^ Ben benieuwd naar Part III

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s